Volgens IBM bestaat het grote onderscheid tussen de Software Servers en het aanbod van Microsoft uit het feit dat iedere Software Server een volledig op zichzelf staand produkt is, dat kan functioneren zonder hulp van een van de andere componenten uit de serie. In tegenstelling tot dit zijn de meeste componenten van Microsoft BackOffice afhankelijk van een of meer andere Microsoft-produkten, en zijn ze allemaal onlosmakelijk verbonden met WindowsNT. De Software Servers zijn ook leverbaar in een versie voor WindowsNT, maar wie liever met AIX of OS/2 Warp Server werkt kan ook terecht bij IBM.
Any Platform, Client, Server
Het is IBM er veel aan gelegen om door de consument gezien te
worden als `Software Company'. Het bedrijf heeft de naam natuurlijk
niet mee, en de reputatie is evenmin geheel ongeschonden als het
gaat om het ondersteunen van hardware van derden. `If it ain't
blue, it ain't worthwile' was jarenlang het credo van IBM. De
laatste jaren is er echter sprake van een duidelijke kentering, en
laat IBM zich van een geheel andere zijde zien. Tekenen van deze
`openheid' zijn al eerder gesignaleerd, bijvoorbeeld in de
mededeling dat IBM zorg zou dragen voor de ontwikkeling van OpenDoc
voor Windows-systemen (wat hier overigens ooit van geworden is is
onduidelijk.). De nu gelanceerde Software Servers spannen echter
tot nu toe de kroon als het gaat om het `open' gezicht (of is dat
de open fa‡ade?) van IBM, aangezien dit lijnrecht ingaat tegen de
oude strategieën. Immers, het uitbrengen van sleuteltechnologieën
voor het vlaggeschip van Microsoft leidt nu niet direct tot
meerdere eer en glorie voor de IBM-vaandeldragers AIX en OS/2 Warp
Server. IBM rekent er echter op dat de gebruiker uiteindelijk zal
kiezen voor `het juiste systeem op de juiste plaats', en is eerlijk
genoeg om toe te geven dat dat juiste systeem lang niet altijd door
IBM ontwikkeld is. De grootste groei wordt ook niet verwacht in de
markt voor besturingssystemen, maar in die voor applicatieservers.
Een besturingssysteem is in die zin eigenlijk niet meer dan een
vangnet om zo veel mogelijk applicaties te verkopen, een strategie
die door Microsoft al vele jaren met groot succes wordt bedreven.
Ook IBM is zeer bedreven in deze handelwijze, maar heeft dit tot nu
toe beperkt tot de eigen gesloten systemen zoals AS/400 en de
diverse mainframe-produkten. De Software Servers moeten nu voor IBM
een deel van de zeer lucratieve applicatieserver-markt veroveren,
daarbij niet (of nauwelijks) gehinderd door `politieke' problemen
rond besturingssystemen.
Zeven (of acht) produkten
De Software Server serie bestaat op dit moment uit zeven produkten
voor drie besturingssystemen. Als de nieuwe server-versie van OS/2
Warp ook tot de Software Server serie gerekend wordt zijn het er
zelfs acht. De file- en print-services die door OS/2 Warp Server
geleverd worden maken het eigenlijk logisch om dit produkt ook tot
de serie te laten behoren, maar IBM ziet het in eerste instantie
als een besturingssysteem. Van de overige zeven componenten valt er
nog een uit de toon door de aparte verpakking, naamgeving en
installatieprocedure. Welke dat is ziet u waarschijnlijk zelf al in
de opsomming van de nu beschikbare Software Servers:
Internet Connection Server
Internet Connection (Secure) Server is de enige component van de
Software Server serie die ook gratis van het Net gehaald kan
worden. IBM heeft, in navolging van Microsoft, de basisversie van
de Internet Connection Server beschikbaar gesteld voor download van
Internet. Meer informatie is te vinden op de IBM Software homepage
(http://www.software. ibm.com). Het gaat hier om de basisversie
zonder ondersteuning voor SSL, S-HTTP of encryptie. Deze
basisversie is ook op CD-ROM verkrijgbaar, en kost dan ongeveer
$99,- (Nederlandse prijzen waren nog niet beschikbaar toen deze
UNIX Info naar de drukker ging). Wie de Internet Connection Server
in wil zetten voor toepassingen die de extra veiligheid van de
hiervoor genoemde protocollen vereisen, kan terecht bij de Internet
Connection Secure Server. Functioneel is dit pakket grotendeels
identiek aan de basisversie, met dien verstande dat de eerder
genoemde beveiligingsprotocollen wel worden ondersteund. Onderdeel
van de Internet Connection (Secure) Server vormen gateways naar de
Transaction Server (lees: naar CICS) en de Database Server (DB2).
Database Server
Dat de Database Server op DB2 is gebaseerd zal niemand verbazen.
DB2 (en daarmee Database Server) ondersteunt diverse datasoorten,
van de traditionele alfanumerieke data tot multimedia datatypen en
binaire datablokken met een maximumomvang van 2 GB (in de OS/2 Warp
Server versie, de limieten van de AIX- en NT-versie zijn
grotendeels identiek). Onderdeel van de Database Server vormt de
World Wide Web Connection, waarmee een HTML-interface naar DB2-data
kan worden gecreëerd. De OS/2-client wordt geleverd inclusief Lotus
Approach, een visueel hulpmiddel voor het benaderen van data in een
relationele database.
Transaction Server
Nog een oude bekende, deze Transaction Server. Het pakket is al
duizenden malen verkocht onder de naam CICS, maar voor de Software
Server serie is CICS gecombineerd met een aantal andere pakketten.
De AIX-versie wordt geleverd inclusief Encina Monitor, terwijl de
OS/2-versie het zonder deze voorziening moet stellen. De
CICS-Internet en CICS-Notes gateways zijn standaard op beide
ondersteunde platforms. Een transactie-monitor is een belangrijk
onderdeel van een client-server configuratie, en IBM deed er dan
ook goed aan deze op te nemen in de Software Server serie.
Microsoft BackOffice moet het tot nu toe nog zonder een dergelijke
voorziening stellen, wat de toepassing van BackOffice in serieuze
client-server applicaties soms lastig maakt.
Communications Server
De Communication Server is samengesteld uit een groot aantal
pakketten uit de Communications Manager en AnyNet-serie die
voorheen los op de markt gebracht werden. Het pakket voorziet in
gateway-functionaliteit naar diverse platforms, waaronder
natuurlijk de IBM-proprietary protocollen zoals die worden
toegepast in AS/400 en S/390 (MVS) omgevingen. Via een
Communications Server krijgen DOS, Windows, OS/2 en AIX-X clients
protocol-onafhankelijk toegang tot S/390 en AS/400 toepassingen
over SNA- en TCP/IP netwerken.
Directory & Security Server
De taak van de Directory & Security Server bestaat uit het mogelijk
maken van een universele, netwerk-wijde beveiligings- en
beheersstrategie. Het pakket maakt gebruik van OSF-DCE Directory-
en Security-services voor het uitvoeren van deze taken, met een
aantal uitbreidingen voor de ondersteuning van LAN Server/Warp
Server. Wie DCE aan de server-zijde gebruikt moet natuurlijk ook
beschikken over DCE-clients. AIX voorziet standaard in DCE-support,
en voor OS/2 Warp wordt een DCE/LAN Server client meegeleverd.
WindowsNT-gebruikers zullen bij Digital moeten aankloppen voor een
DCE-client voor hun besturingssysteem. De Directory & Security
Server ondersteunt replicatie en distributie van de directories,
waarmee de kans op uitval van het systeem kan worden verkleind en
de belasting kan worden verdeeld over meerdere servers. Aangezien
er geen door de architectuur bepaalde limieten zijn aan het aantal
gebruikers, is het systeem in principe onbeperkt schaalbaar.
Systems Management Server
Ook de Systems Management Server is een oude bekende, het gaat hier
om de eerder in dit blad besproken SystemView series (inclusief
componenten uit de NetView series) met een aantal uitbreidingen van
onder andere Tivoli. IBM SMS (het pakket draagt dezelfde naam als
dat van concurrent Microsoft) kan worden gebruikt voor het beheer
van softwaredistributie, backup/recovery, netwerkbeheer en andere
systeembeheertaken in een heterogeen netwerk. Waar Microsoft SMS
zich met name richt op Windows clients, gaat IBM er juist prat op
de `breedst mogelijke ondersteuning voor clients en servers' te
leveren.
Lotus Notes
Deze laatste server uit de serie zou natuurlijk eigenlijk
`Groupware Server' moeten heten, maar de integratie van Lotus in
IBM is (gelukkig) niet zo ver gegaan. Lotus heeft kennelijk nog
steeds het recht om eigenwijs te zijn, en is niet gezwicht voor de
druk om hun pakket onder IBM-vlag te laten verkopen. Ook de
installatie van de software verloopt op geheel eigen wijze, in
feite kan Notes 4.0 dan ook worden gezien als een pakket van een
derde leverancier dat een leemte in de Software Server serie
opvult. Notes 4 maakt gebruik van de Notes databasetechnologie, het
is dus niet nodig naast Notes ook de Database Server te
installeren. Nieuw in Notes 4 is de integratie van Notes in het
World Wide Web middels de Internotes Publisher en Internotes Web
Navigator. Op deze wijze kunnen Web-browsers worden gebruikt voor
het benaderen van de Notes-database, wat de inzet van Notes
client-software in veel gevallen overbodig maakt.
Aardige anecdote
Zoals duidelijk moge zijn bestaat de Software Server serie voor een
behoorlijk deel uit al langer bestaande IBM-software, die deels
naar verschillende besturingssystemen geport is. De grote ommezwaai
bestaat dan ook vooral uit het feit dat de ontwikkelaars voor
project Eagle (dit was de codenaam voor de Software Servers) uit
zijn gegaan van het standpunt dat de software in een realistische
praktijksituatie goed met elkaar samen moet kunnen werken. Dit was
geen geringe opgave, gezien het feit dat de Software Server serie
onder andere is gebaseerd op ongeveer 60 al langer bestaande losse
IBM-produkten, die samen goed zijn voor meer dan 1000 IBM
partnumbers. Frappant is vooral dat sommige van de partnumbers
nooit eerder individueel door een klant besteld waren, wat
natuurlijk direct de vraag opwerpt voor wie die
produkten/partnumbers dan eigenlijk bedoeld waren. Een van de
eerste projecten van het Eagle-team was het installeren en
configureren van alle losse onderdelen die in de Software Servers
zouden worden gebruikt. Na 2,5 dag gaven ze het experiment op, het
bleek onmogelijk om de 58 softwarepakketten goed samen te laten
werken. Een ander dilemma waar de ontwikkelaars voor stonden was
wat te doen met produkten die theoretisch wel correct werken, maar
in de praktijk ongeschikt voor normale menselijke gebruikers waren.
Een voorbeeld hiervan was de NetView Distribution Manager, een
technisch geavanceerd pakket voor softwaredis- tributie dat echter
zo moeilijk in de omgang was dat vrijwel niemand ermee uit de
voeten kon.
Ondersteuning voor ontwikkelaars
Het succes van een server-platform is voor een groot deel
afhankelijk van de ondersteuning die het platform van ontwikkelaars
krijgt. Op hun beurt zijn de ontwikkelaars weer grotendeels
afhankelijk van de leverancier van de server. IBM heeft kennelijk
geleerd van de fouten die gemaakt zijn bij eerdere pogingen
ontwikkelaars te interesseren voor hun platforms (met OS/2 als
beste voorbeeld) en voorziet in een reeks ontwikkelsystemen voor de
diverse Software Servers. Deze hulpmiddelen zijn gebaseerd op
Vi-sualAge, het grafische ontwikkelplatform van IBM. Om VisualAge
geschikt te maken voor het ontwikkelen van applicaties voor de
Software Servers worden er single-user runtime-versies van de
Software Servers meegeleverd, alsmede cross-platform developer
kits. Hiermee moet het mogelijk zijn applicaties voor de Software
Servers te ontwikkelen voor (en op) alle ondersteunde platforms.
Het is natuurlijk ook mogelijk gebruik te maken van tools van
derden.
Conclusie
IBM begeeft zich met de Software Servers op een sterk groeiende
markt, waar al diverse andere leveranciers actief zijn. We hebben
Microsoft al enkele malen genoemd, maar ook database-leveranciers
als Oracle en Informix en `algemene' softwarebedrij-ven als
Computer Associates profileren zich steeds meer. Het Software
Server pakket is op dit moment al behoorlijk compleet, en zal in de
nabije toekomst waarschijnlijk nog worden uitgebreid (afhankelijk
van het succes van de nu gelanceerde serie). Omdat het hier voor
een groot deel om al langer bestaande produkten gaat, moeten
ontwikkelaars in principe binnen korte tijd met de nieuwe servers
vertrouwd kunnen raken. De naam `IBM' stond in het verleden niet
altijd garant voor een succesvolle marketing en ondersteuning, maar
het lijkt erop alsof ook Big Blue nu op de kleintjes gaat letten.
Een uitgebreide mediacampagne moet de Software Servers bekend maken
bij het publiek. Voor ontwikkelaars, service providers en resellers
is er het BESTeam, een programma dat overeenkomsten vertoont met
het `Solution Provider' programma van Microsoft. Resellers,
ontwikkelaars en systeemintegrators kunnen zich profileren als
Software Member, Professional Software Member of Premier Software
Member, afhankelijk van de breedte van hun inzet. Dit programma
bestaat nu iets meer dan een jaar, en heeft gedurende die tijd
ongeveer 1000 deelnemers aangetrokken.
Informatie: IBM, 020-5133079,
http://www.software.ibm.com of
http://www.ibm.com
Frank de Lange